the-sun-wallpaper (1)

Onze zon:

Fysieke gegevens:
Diameter: 1.392.000 km
Afstand tot centrum melkweg: 30.000 lichtjaar
Baansnelheid: 900.000 km/u
Duur rotatie in dagen: 25 dagen, 8 uur, 24 min
Massa (aarde = 1): 332,946.
Volume (aarde = 1): 1.300.000
Temperatuur: 15 miljoen gr. C, (kern) 5500 gr. C (buitenkant)
Atmosfeer: 84% waterstof, 16% helium
Magnitude (lichtsterkte bij heldere hemel): – 26,5

 

Tekst: Arie Nouwen (2013)

2014-03-30 (4b)

De Zon:
De planetenwandeling door het Alblasserbos, start bij het beeld met als thema de Zon. Het volgende beeld in de wandeling is dat van de planeet Mercurius en dat staat ongeveer 45 meter verder op de route.

Algemene informatie:
De Zon is een 2e generatie gele dwergster, een ster uit de middelgrote klasse, met een leeftijd van c.a. 4,5 miljard jaar. Ze bevindt zich in één van de spiraalarmen van het Melkwegstelsel.
Lees verder
Ze is met een massa van zo’n 1,989 × 10^30 kg verreweg het zwaarste object in ons zonnestelsel. De Zon bevat 99,86% van de massa van ons volledige zonnestelsel. Deze massa bestaat voornamelijk uit waterstof, in de buitenste lagen zo’n 70% van de massa. Het andere veelvoorkomende element is helium, zo’n 28%. In het centrum van de Zon wordt door kernfusie waterstof omgezet in helium en dat zorgt er voor dat de zon warmte en licht geeft.

Ontstaan en ontwikkeling:
De Zon is ongeveer 4,5 miljard jaar geleden ontstaan uit waarschijnlijk de restanten van een ontplofte 1e generatie superster.
Lees verder
Sterren zoals de Zon, ontstaan uit stofwolken in het heelal. Door werveling in de wolk treden dichtheids- en zwaartekrachtverschillen op en ontstaat uiteindelijk een protoster (een ster in wording). De protoster begint te roteren om zijn as. Rond de protoster ontstaat in het baanvlak van de evenaar een planetaire schijf en vanuit de noord- en zuidpool een bipolaire straalstroom. Door de zwaartekracht trekt de protoster steeds meer materie aan en wordt steeds groter en zwaarder. Uiteindelijk wordt de druk in kern van de ster zo groot dat er nucleaire reacties ontstaan. De ster gaat “stralen” en wordt geboren als echte ster. De jonge ster blaast dan haar buitenste mantel met materie weg. Bij het ontstaan van de Zon ging dat net zo. Uit deze buitenste lagen ontstonden de vier “Aardse planeten”, (Mercurius, Venus, de Aarde en Mars) en veel verder weg de vier gasplaneten (Jupiter, Saturnus, Uranus en Neptunus). Uiteindelijk ontstond zo ons zonnestelsel. Pas miljarden jaren na het ontstaan kregen de planeten hun huidige positie en baan om de Zon.

zon-structuur Astronomische eigenschappen:
De Zon heeft een diameter van 1.393.000 km, 109 maal de diameter van de Aarde . De Aarde past er meer dan een miljoen keer in. De straal van de Zon is bijna twee keer zo groot als de afstand tussen de Aarde en de Maan.
Lees verder
Behalve de kern heeft de Zon ook een stralings- en convectiezone (zie afbeelding). De kern is het gedeelte van de Zon waar de dichtheid en de temperatuur hoog genoeg zijn om fusiereacties te veroorzaken. De temperatuur van de kern is ca 15 miljoen kelvin en daar wordt waterstof omgezet in helium, hetgeen de straling van de zon oplevert. De energie die in de kern wordt aangemaakt, verlaat de kern en trekt op zijn weg naar buiten eerst door de stralingszone. Daarin wordt de energie hoofdzakelijk doorgegeven door fotonen, die voortdurend geabsorbeerd en uitgestraald worden: een foton botst op een deeltje en wordt opgenomen, waarop het deeltje in een willekeurige richting een nieuw foton uitzendt, dat op zijn beurt op een ander deeltje botst en weer geabsorbeerd wordt. Tenslotte komt de energie onder de vorm van een foton aan in de convectiezone, de buitenste laag van de Zon. Hier wordt de energie hoofdzakelijk door convectiestromen naar het oppervlak gebracht: stromen van heet gas die omhoog gaan terwijl afgekoeld gas weer naar beneden gaat. Hetzelfde effect kan je merken in een pot water die je opwarmt, waarbij stromingen ontstaan in het water. De Zon heeft ook een atmosfeer, welke uit drie delen bestaat: de fotosfeer, de chromosfeer en de gloeiend hete corona (zie afbeelding hieronder). Als we met zonnefilters naar de Zon kijken zien we alleen het oppervlakte van de Zon, de fotosfeer. De corona verschijnt tijdens totale zonsverduisteringen als de stralende ‘kroon’ rondom de door de Maan bedekte zonneschijf.

zon-atmosfeer

Zichtbaarheid:
Vanaf de Aarde gezien, is de Zon het helderste object aan de hemel. In de sterrenkunde wordt de helderheid van een object aan de hemel uitgedrukt in magnitudes en de Zon is van magnitude -26,7.
Lees verder
Met beschermende zonnefilters kunnen we op de Zon zonnevlekken zien, die in een 11-jarige cyclus in meerdere of mindere mate op de zon voorkomen.Vroeger werd de Zon als planeet gezien, toen men nog dacht dat de Zon rond de Aarde draaide. Voor zover we weten was de Griekse astronoom Aristarchus van Samos (310-230 voor Chr.) de eerste die op grond van redeneringen veronderstelde dat de Zon het middelpunt van de “kosmos” was, maar zijn leer werd verworpen ten gunste van die van Plato en Aristoteles. 500 jaar later werd de theorie van Plato en Aristoteles aangepast door Ptolemaeus. Pas in de 18e eeuw werd het heliocentristische model, zoals Copernicus dat in de 16e eeuw als eerste opstelde en waarin alle planeten om de zon draaien, algemeen erkend.

Baan en rotatie van de Zon om haar as:
De samenstelling van de Zon is niet vast, maar is een plasmatoestand, waardoor op verschillende hoogten, verschillende rotatiesnelheden mogelijk zijn.
Lees verder
De rotatiesnelheid aan de evenaar en is ongeveer 25 dagen en aan de polen 36 dagen. Gezien vanaf de noordpool van de Zon draait de Zon tegen de klok in, evenals de meeste objecten in het zonnestelsel. Doordat de Zon in dezelfde richting roteert als de Aarde lijkt de omwenteling gezien vanaf de Aarde drie dagen langer te duren.De Zon bevindt zich op ongeveer 27.000 lichtjaar van het centrum van ons sterrenstelsel de Melkweg (dit centrum is vermoedelijk een reusachtig zwart gat), in de ongeveer 100.000 lichtjaar brede en 3.000 lichtjaar dikke galactische schijf. De Zon beweegt zich met een snelheid van ongeveer 220 km/s in ongeveer 226 miljoen jaar eenmaal rond het centrum van ons sterrenstelsel. Binnen de Melkweg is het een onopvallende, min of meer gemiddelde ster.

Ruimtevaart:
De Zon werd/wordt door talloze ruimteverkenners bestudeerd, onder andere door:
Lees verder

• SOHO (Solar and Heliospheric Observatory), een Europese sonde
• SDO (Solar Dynamics Observatory), een Amerikaanse sonde
• STEREO (Solar TErrestrial RElations Observatory), een tweetal Amerikaanse sondes
Dankzij het onderzoek aan de Zon met de ruimteverkenners hebben we een beter beeld gekregen van de interne structuur van de Zon en van de invloed van de zonnewind en de uitbarstingen op de Zon. Deze laatste kunnen storingen veroorzaken in het elektriciteitsnetwerk, ruimtestations en satellieten. De bij de uitbarstingen vrijkomende deeltjes veroorzaken door interactie met het aardmagnetisch veld ook het noorderlicht, dat met name in de poolstreken mooi zichtbaar is.

Mythologie:
In de Griekse en Romeinse mythologie stond de Zon voor de goden Helios en Sol. Het symbool voor de Zon is een cirkel met een stip in het midden.
Lees verder
In een van de mythen die er over Apollo verteld werden, was hij eens aan het discuswerpen met zijn jonge vriend Hyacinthus. De discus die Apollo wierp, ketste terug, raakte Hyacinthus en doodde hem. Apollo was ontroostbaar over de dood van zijn dierbare vriend. Op de plek waar zijn tranen zich vermengden met het bloed van Hyacinthus kondigen sindsdien wilde hyacinthen in het voorjaar de zonnewende aan. Ook aan het begin van deze Planetenwandeling kunt u in de lente daarom de hyacinthen zien bloeien.)


De kunstenares en het beeld:
Mieke de Waal: De Zon is het centrum van ons zonnestelsel. De oude Grieken personifieerden de Zon in de god Apollo en beeldden hem vaak af met pijl en boog.
Lees verder
Apollo werd de god van het licht, van de Zon, van muziek en schone kunsten, en van genezing. In mijn beeld is het hoofd van Apollo omgeven met een stralenkrans en schiet hij met zijn boog zonnestralen de wereld in.

Mieke de Waal maakte naam met haar zwevende beschilderde soft sculptures. In maat variëren ze van piepkleine jurkjes tot meer dan manshoge kimono’s; vormen die symbool staan voor ‘de mens’. Deze zachte beelden werden onder meer opgenomen in de collecties van AMC Amsterdam, Gasunie Groningen, Gezondheidsraad Den Haag, en daarnaast ook in huiskamers van particulieren. De meeste werken ontstonden als vrij werk, sommige in opdracht. Mieke de Waal’s eerste ‘harde’ beeld – De Golf, net als de planetenbeelden gemaakt uit Cortenstaal – staat hier vlakbij: op het Gasunieterrein langs de N214 bij Wijngaarden. Meer informatie: www.miekedewaal.com