Huidige maanstand


Afnemende maan
Afnemende maan

De maan staat nu in Ram
De maan is 19 dagen oud
Joe's

Laatste opname van de Zon

Latest image from Helioviewer.org.

Voorjaarsprogramma 2020

DatumOnderwerp
10-1-2020
Nieuwjaarsbijeenkomst + Astroquiz
Tijdens deze eerste verenigingsavond van het nieuwe jaar is er gelegenheid om elkaar de beste wensen over te brengen en is er weer de befaamde Astroquiz, ook dit jaar weer wordt verzorgd door Arie Nouwen, Jan Brandt en Paul Bakker. Iedereen wordt verzocht zelf wat hapjes en drankjes voor elkaar mee te brengen. EĂ©n onderdeel wordt met de mobiele telefoon gespeeld, dus deze graag meenemen.
24-1-2020
Lezing ‘OLFAR – de nieuwe
radiotelescoop in de ruimte’
door prof. dr. ir. Mark Bentum
Mark Bentum is hoogleraar Radio Science aan de Technische Universiteit Eindhoven. Daarnaast is hij werkzaam bij ASTRON in Dwingeloo. Hij werkt aan nieuwe technieken en nieuwe radiotelescopen op lage waarneemfrequenties; is actief binnen het nieuwe instrumentatieprogramma van de Square Kilometer Array en is daarnaast een enthousiaste docent op het gebied van Electromagnetisme en draadloze communicatie.

Voor de radioastronomie is het gebied beneden de 30 MHz één van de laatste onbekende frequentiebanden. Wetenschappelijk gezien is dat een bijzonder interessant frequentiegebied. Daarbij kunnen we denken aan het bestuderen van rood verschoven radiogolven afkomstig van waterstof uit het vroegste Heelal, het ontdekken van planeten en zonuitbarstingen in andere zonnestelsels en het bestuderen van ruimteweer. Helaas is dit frequentiegebied onbereikbaar vanaf de Aarde ten gevolge van de invloeden van de ionensfeer. Dus moeten we de ruimte in!!! In het OLFAR-project worden technieken ontwikkeld voor een radiotelescoop in de ruimte met behulp van een zwerm van circa 50 kleine satellieten in een baan rond bijvoorbeeld de Maan. In een samenwerkingsverband tussen een aantal universiteiten, instellingen en bedrijven wordt in de komende jaren hard gewerkt aan nieuwe technologieën om dit concept mogelijk te maken. In de lezing zal het OLFAR-project gepresenteerd worden, zowel de technische aspecten, als ook de wetenschappelijke mogelijkheden.
7-2-2020
Lezing ‘Zwarte gat in M87 heeft de vorm van een Torus’ door ir. Rob Roodenburg
Rob Roodenburg is lid van onze vereniging en een TU-ingenieur die al 15 jaar bezig is om Einsteins Relativiteit aan Noethers behoudswetten te koppelen, samen met 3 andereTU-ingenieurs Frans de Winter, Oscar van Duijn en Maarten Palthe. Zij noemen zichzelf de “loopdoctors”,
zie www.loop-doctor.nl

Wetenschappers en astronomen kennen maar Ă©Ă©n vorm van zwarte gaten : een bol. Waarom eigenlijk ? De reden is eenvoudig, er is wel een oplossing van Einsteins Algemene Relativiteitstheorie (AR) voor een bol, maar niet voor een andere vorm, zoals een torus. Bovendien moet die bol nog van een constante dichtheid zijn, dan is de AR oplosbaar, de zogeheten Schwarzschild Oplossing. De Event Horizon Telescope Collaboration (EHCT) heeft als eerste een prachtig plaatje geproduceerd van het superzware zwarte gat in het in het centrum van sterrenstelsel M87. De auteurs laten zien hoe dit zwarte gat geen bol of puntmassa kan zijn, op basis van zowel de waarnemingen van het EHTC als de oorspronkelijke oplossingen van Karl Schwarzschild en Kerr. De vorm van een torus is precies wat we zien.
28 en 29-2-2020
Landelijke Sterrenkijkdagen
Christiaan Huygens doet ook dit jaar weer mee met de 44ste Landelijke Sterrenkijkdagen. We hopen bij deze publieksactiviteit weer veel mensen te ontvangen voor een kennismaking met de sterrenhemel, gezien door een telescoop. Iedereen die interesse heeft in de sterrenhemel is welkom om te zien wat voor mooie hobby wij hebben en wat vereniging Christiaan Huygens te bieden heeft.
6-3-2020
Lezing ‘Beelden uit de Ruimte’ door Hans Walrecht
Hans Walrecht is tot zijn pensioen leerkracht geweest, de helft van zijn loopbaan ook deskundige in het gebruik van ICT op scholen. Hij is 10 jaar secretaris geweest van de sterrenkundevereniging “Zenit” in Den Helder en heeft daar ook veel evenementen georganiseerd, waaronder de tentoonstelling “Beelden uit de Ruimte” in 1981. Momenteel is hij vrijwilliger bij Aviodrome en het Stoommachinemuseum in Medemblik. Verder is hij geĂŻnteresseerd in o.a. ruimtevaart, luchtvaart, militaire conflicten, de IndustriĂ«le Revolutie en radio. Dit heeft inmiddels geleid tot 16 verschillende lezingen.

Foto’s van hoog boven de Aarde en later in de nabijheid van andere hemellichamen, zoals de Maan en de planeten, hebben altijd tot de verbeelding gesproken. Dankzij astronauten en onbemande ruimtevaartuigen hebben we werelden kunnen zien die we niet voor mogelijk hielden. De foto's zijn niet alleen mooi maar ook nuttig. Nu is het wel interessant om bijvoorbeeld foto’s van de planeet Mars te maken, op misschien wel 200 miljoen km van de aarde, maar hoe krijg je die beelden hier? De presentatie leert hoe die foto's gemaakt en verzonden worden, maar het is vooral een duik in de geschiedenis, waarin men de beste resultaten moest behalen met de technologie die op dat moment voor handen was. Dit leidde tot vernuftige oplossingen. De presentatie begint met de fotografie in het Apollo-tijdperk. Op zich ging dat net zo als wij toen zelf filmpjes volschoten, maar de Apollo-camera’s waren beduidend anders. Vervolgens de veelgebruikte televisiecamerabuis, de vidicon. Die is heel lang gebruikt bij een aantal spraakmakende projecten zoals de Tiros weersatellieten, de maanverkenners, de Mariners en de Voyagers, en ook door de Russen. De vidicon werd opgevolgd door de CCD, natuurlijk ook weer afwijkend van onze eigen digitale camera
 Scannen biedt weer andere mogelijkheden en soms kon men ook niets anders gebruiken door de omstandigheden waarin de beelden gevormd moesten worden. Voorbeelden hiervan zijn de Pioneers en de Viking Landers. Tot slot de combinatie van fotografie en scannen, zoals dat bij de Russische Luna 3 en de Amerikaanse Lunar Orbiters het geval was. Op dat moment bij de juiste keuze, gezien de stand van de techniek.
20-3-2020
Algemene Ledenvergadering
3-4-2020
Lezing ‘Kijken naar de hemel
in ander licht, bijvoorbeeld
infrarood- of radiostraling’
door Hans Prinse
Hans Prinse is amateurweerkundige en lid van onze vereniging. In 2016 werd aan Hans de Dr. J. van der Biltprijs toegekend wegens zijn verdienste voor het completeren, behouden, conserveren, beschrijven, digitaliseren en ontsluiten van het historisch archief van de KNVWS en Stichting De Koepel

Wat zegt ons het sterlicht? Ofwel: wat hebben we eraan? Waarom kijken we ernaar? Uit het licht van een ster weten we o.a. diens temperatuur, beweging, samenstelling, leeftijd en ontwikkeling. Licht is elektromagnetische straling en naast zichtbaar licht is er ook allerlei andere voor het menselijk oog onzichtbare straling, zoals radiostraling, millimeterstraling, microgolfstraling, infraroodstraling, ultravioletstraling, röntgenstraling en gammastraling. Uv-licht, röntgen- en gammastraling is energierijk en gevaarlijk licht. Veel van deze straling wordt gelukkig hoog in de dampkring tegengehouden. Willen we daarover wat te weten komen, dan moeten we de bergen in, beter nog hoog boven de wolken in een ballon, een vliegtuig of een sondeerraket. De beste manier is: de ruimte in met satellieten. Dat gebeurt dan ook volop. Elke soort straling heeft zijn eigen waarneeminstrumenten of beeldvormers. Voor zichtbaar licht de kijkers van amateurs en de reuzentelescopen van de beroepsastronomen. Voor het waarnemen van radiostraling gebruiken we een radiotelescoop. Telescopen van röntgenstraling zijn weer anders van bouw.
Elk licht heeft zijn bijzondere onderwerpen van onderzoek. Astronomen beseffen dat er niet Ă©Ă©n beeld is. De werkelijkheid is een beeld dat verandert als we met ander licht of met een andere bril kijken. De helderste sterren in het ene licht zijn andere dan in het andere licht. Het centrum van het Melkwegstelsel komt steeds gedetailleerder in beeld, dankzij kijken met ander licht. Ander licht, andere wereld. Zo krijgen we een completer beeld van het heelal.
17-4-2020
Lezing ‘De aarde, een unieke planeet’ door Edwin van Schijndel
Edwin van Schijndel heeft een opleiding gevolgd tot tweedegraads docent aardrijkskunde en geschiedenis, maar is in het dagelijks leven in geheel andere functie werkzaam. Ruim 25 jaar actief in de sterrenkunde bij Vereniging Sterrenwacht Halley, waarvan 15 jaar als cursusdocent met als onderdeel waarnemen en herkennen van de sterrenhemel. Bestuurslid KNVWS Werkgroep Maan en Planeten, redacteur verenigingsblad. Auteur van diverse artikelen over sterrenkunde en (fysische) geografie. Vanuit zijn opleidingsachtergrond is zijn drijfveer het overbrengen van sterrenkundige en aanverwante onderwerpen naar het publiek.

De planeet aarde ontstond zo’n 4,6 miljard jaar geleden als onderdeel van het zonnestelsel. De jonge aarde koelde geleidelijk af en er ontwikkelde zich een atmosfeer. Zuurstof maakte leven mogelijk, terwijl vulkanisme, aarbevingen en continentverschuivingen het uiterlijk drastisch hebben veranderd. Geen wereld binnen ons zonnestelsel heeft zoveel veranderingen ondergaan als de aarde maar veel sporen kunnen we gelukkig nog altijd terugvinden in het landschap en onderzoeken en verklaren. In de lezing worden hier diverse voorbeelden van aangehaald. Mensen hebben zich altijd afgevraagd over de oorsprong van het leven en wat er op onze planeet allemaal gebeurd is. Met de komst van de evolutietheorie en wetenschappelijk inzicht in de vorming en het gedrag van onze aarde is er hierin enorme vooruitgang geboekt. Het blijkt dat in het verre verleden veel levende soorten voorkwamen die zijn uitgestorven en er weer andere voor in de plaats kwamen. Uiteindelijk kwam de mens op het toneel die zichzelf in staat stelde om kennis en wetenschap te beoefenen en technologie te ontwikkelen maar in geologisch perspectief als soort nog maar net is komen kijken en misschien de toekomst van de planeet aarde sterk gaat beïnvloeden.
1-5-2020
Thema-avond
15-5-2020
Lezing ‘Zonnewijzers’ door dr. Frans Maes
Frans Maes (1942) studeerde biofysica in Nijmegen en was docent aan de Rijksunivcersiteit Groningen. Hij is bestuurslid van de Nederlandse Zonnewijzerkring (www.zonnewijzerkring.nl), waar hij redacteur is van het tijdschrift Zon & Tijd. Hij ontwikkelde de Basiscursus Zonnewijzerkunde, bestemd voor leden, en verzorgde het thema "Zonnewijzers" in Zenit van juni 2018.

Zonnewijzers zijn wellicht het oudste wetenschappelijke instrument van de mensheid. Ze regelden eeuwenlang het dagelijks leven. Het type zonnewijzer dat bij onze tijdrekening hoort, is de pooolstijlzonnewijzer. Daarvan bestaan vele uitvoeringsvormen. Hoe werkt deze zonnewijzer? Waarom wijst hij altijd een andere tijd aan dan ons horloge? Daarnaast zijn er andere typen zonnewijzers. Wat zijn de achterliggende principes? Zonnewijzers werden vanaf de 17e eeuw ook luxeartikelen waarmee men zijn eruditie, goede smaak en welstand etaleerde. Daarvan zijn nog fraaie exemplaren te vinden. Vanaf de jaren '70 is er een hernieuwde belangstelling voor zonnewijzers. Die heeft geleid tot nieuwe ontwikkelingen en nieuwe principes.
12-6-2020
Thema-avond
26-6-2020
Lezing ‘De rol van ijskappen in klimaatverandering en zeespiegelfluctuaties’ door prof. dr. Roderik van de Wal
Roderik van de Wal obtained a PhD degree in 1992. He is a Professor in Sea Level Change and Coastal Impacts, employed for 60% at the Institute for Marine and Atmospheric research Utrecht (IMAU) and 40% at the Department of Physical Geography both at Utrecht University. His research focuses on the different contributions to sea level rise in past, present and future and the impact of these changes to coastal systems. He has participated and organized glacio-meteorological fieldwork in the Alps, Scandinavian, Svalbard and Greenland. He was PI and co-PI of numerous (inter-) national projects, steering committee member in the EU projects NEEM (North Greenland Eemian ice core project) Beyond-Epica, PI of the Netherlands Earth System Science Centre (NESSC, 2014-2023) and IPICS (International Partnerships in ice core sciences), Member of the Dutch Deltacommison on sea level, lead author of the sea level chapter of the IPCC SROCC report, review editor of the IPCC AR5 chapter on sea level, and co-chair of the WCRP Grand Challenge on Regional Sea Level and as such organized the WCRP conference on sea level in 2017. He (co-) authored 200 peer-reviewed publications Webpage: www.staff.science.uu.nl/~wal00105/, RID: D-1705-2011

In deze lezing zal Roderik van de Wal starten met in te gaan op klimaatverandering op geologische tijdschalen gedreven door variaties in straling en CO2 en uitkomen bij de zeespiegelveranderingen die toekomstige generaties te wachten staat als gevolg van antropogene klimaatverandering. In September 2019 is er een nieuw IPCC rapport uit gekomen over de stand van zaken met betrekking tot ijskappen, oceaan en zeespiegelverandering. Deze resultaten zal hij bespreken en beschouwen in de context van de natuurlijke variaties in ijskappen.

Comments are closed.

Back to Top ↑